Ben jij een ‘Ik-rijd-geen-blinden-van-het-zebrapad-fietser’?

Blinde en geleidehond op zebrapad. "Ik ben een ik-rijd-geen-binden-van-het-zebrapad-fietser. En jij?"

Blinden en slechtzienden met een witte stok of een geleidehond hebben op het zebrapad altijd voorrang. Auto’s, fietsers en motorrijders moeten blinden en slechtzienden steeds ongehinderd laten passeren. Een witte stok is fluorescerend en is ook in het donker zichtbaar. Ook de geleidehond draagt een fluorescerend tuig.

Helaas weten weinig mensen dat ze moeten stoppen voor een overstekende blinde of slechtziende persoon. Fietsers die niet kunnen stoppen moeten achter hen doorrijden. Zo doe je hen minder schrikken en heb je veel minder kans op ongevallen. Nog gevaarlijker wordt het als de slechtziende persoon ook doof of slechthorend is. De kans is groot dat zij je niet zien en horen aankomen. Enkele mensen met een auditief-visuele beperking vertellen over hun ervaringen met fietsers. Soms is de straat voor hen levensgevaarlijk. Ook zij willen meer veilig verkeer.

Bert is doof en zwaar slechtziend. Hij werd bijna overhoop gereden door twee fietsers aan een T-splitsing.  Hij liep aan de rechterkant van de baan. Aan de andere kant kwamen twee jongens op de fiets die tegen elkaar aan het racen waren. Plots weken ze uit naar links. Ze reden pardoes voorbij zijn neus en het leek of ze over zijn witte stok wilden rijden. De gevolgen waren niet te overzien. Het topje van de witte stok kwam terecht tussen de fietspaken. Daarop werd één van de fietsers van zijn fiets gekatapulteerd  en hij kwam op zijn hoofd terecht. De jongen werd met een gigantische hoofdwonde naar het ziekenhuis overgebracht. Hij bloedde heel hevig en je kon een stukje van de schedel zien. Er waren ook mensen die dachten dat Bert opzettelijk zijn witte stok tussen de fietswielen stak, maar gelukkig waren er getuigen die gezien hebben wat er werkelijk gebeurde en die Bert steunden.

De fietser speelde niet alleen met zijn eigen leven, hij bezorgde een doof-slechtziende jongeman een traumatische ervaring. De jonge fietser had een flinke hersenschudding en lag een maand in coma. Intussen is hij gediagnoseerd als NaH (Niet aangeboren Hersenletsel): hij is gedeeltelijk verlamd. Vermoedelijk zit hij zijn verdere leven in een rolstoel. Heel misschien leert hij terug stappen, maar dan met krukken, voor altijd. 

Anne is zwaar slechtziend en doof aan één oor. Op een dag stak ze met haar geleidehond het zebrapad over. Op het laatste nippertje merkte ze een fietser op. Ze schrok en bleef meteen stilstaan. Gelukkig maar, anders had de fietser haar hond aangereden. Anne riep de fietser na dat hij moest stoppen, waarop ze van een vriend van hem de omerking kreeg dat ze kalm moest zijn en moest zwijgen.

Tinne is slechthorend en slechtziend. Ze wandelde door de Nationalestraat in Antwerpen met haar witte stok. Plots voelde ze iets tegen haar stok. Ze zag een fiets vlak voor haar neus voorbijflitsen en riep de fietser geschrokken na dat ze moest uitkijken waar ze fietst. De blonde vrouw op de fiets keek niet om en fietste verder alsof er niets gebeurd was. Tinne is al zo vaak geschrokken van fietsers die vlak voor haar neus rijden. Ze heeft gelukkig nog niets voorgehad, maar wel bijna-accidenten.  Ze hoopt echt dat ze de dag niet moet meemaken dat haar stuk tussen een fietswiel zit en kapot is.

Bart is slechthorend en slechtziend. Terwijl hij ’s avonds een drukke straat in Antwerpen overstak, belandde zijn stok tussen de wielen van een fiets. De fietser reed door alsof er niets gebeurd was, en daar stond hij met zijn kapotte stok. Bart kon niet alleen verder en moest zijn vrouw bellen om hem te komen halen.

Meer informatie